Loading... Please wait...Jongeren hebben bescherming nodig, geen moralistische oproepen tot zelfbeheersing
Ronald A. Knibbe is professor Sociale epidemiologie van alcohol- en drugsgebruik aan de Universiteit van Maastricht. Zijn expertise ligt vooral op het terrein van sociaal wetenschappelijke verklaringen van alcohol- en druggebruik in Nederland en in Europese landen.
“Alcoholgebruik kan verschillende problemen met zich meenemen. Ziekten door en verslaving aan alcohol zijn bij jongeren nog nauwelijks aan de orde. Bij jongeren bestaan de problemen vooral uit de ongelukken en geweld door het drinken van te veel alcohol. Om het alcoholmisbruik onder jongeren terug te dringen, kan men verschillende dingen doen.
Men kan de zelfcontrole van de jongeren proberen te bevorderen door middel van media- en/of schoolcampagnes, maar deze werken over het algemeen niet. Dit komt omdat de executieve functies van de hersenen, die onder andere belangrijk zijn voor risico-inschatting en planning, bij jongeren onder de zestien nog niet volledig ontwikkeld zijn. Ook zijn jongeren op deze leeftijd bezig met het verwerven van autonomie en vrijheid en daar hoort het drinken van alcohol soms bij. Een verbod op de reclame voor alcohol is echter wel werkzaam gebleken.
Het bevorderen van de informele sociale controle is voor een deel effectief gebleken. Zo kunnen ouders een erg sterke invloed hebben op het drinkgedrag van hun kind. Ook sporttrainers en leerkrachten hebben potentie op dit gebied. Kroegbazen en andere alcoholverkopers kunnen invloed hebben, maar dan is het wel noodzakelijk dat ze gezamenlijk afspraken maken en zich daaraan houden. Als het ene café op leeftijd controleert maar het andere doet dat niet, is het voor jongeren nog steeds makkelijk om aan alcohol te komen.
Als laatste is er het bevorderen van de formele sociale controle*. Voorbeelden hiervan zijn een verplichte leeftijdscontrole, prijsverhoging, het beperken van de openingstijden en een verbod op schenken bij dronkenschap. Deze maatregelen zijn nagenoeg allemaal effectief en noodzakelijk voor een effectief beleid.
Jongeren verdienen geen moralistische oproepen tot meer zelfbeheersing, maar ze hebben juist bescherming nodig. Dit kan bewerkstelligd worden door de formele sociale controle, die dragend is voor de effectiviteit van het alcoholbeleid. Er is geen effectief beleid zonder formele sociale controle.”
Deze column is een bewerking van de presentatie die Ronald A. Knibbe hield tijdens de bijeenkomst ‘Jongeren en alcohol: een volwassen probleem?!’ die Universiteit van Tilburg op donderdag 24 maart 2011 verzorgde.
* De term formele sociale controle, dekt voor het overgrote deel wat velen verstaan onder o.a. handhaving. Het betreft alle initiatieven, activiteiten waarbij (semi-) overheden op basis van wetgeving en beleid de mogelijkheden voor drankgebruik inperken en -of reageren op drinkgedrag van mensen. Vanuit wetenschappelijk oogpunt is het helderder om het formele sociale controle te noemen omdat daarmee het verband met de 2 andere hoofdvormen van controle, zelfcontrole en informele sociale controle veel explicieter aan de orde wordt gesteld en daarmee voor preventiebeleid een betere afweging gemaakt kan worden op welke vormen van sociale controle de nadruk gelegd dient te worden.
laatst aangepast: 02/02/2011
InfoDesk
Heeft u een vraag? Kijk op onze pagina veelgestelde vragen of vul het contactformulier in. Wij zijn ook telefonisch bereikbaar op: 030 295 94 90.