Loading... Please wait...Op deze pagina vindt u een overzicht van de veelgestelde vragen per categorie. Ook is er een aantal veelgestelde vragen 'algemeen'. Onder deze categorie kunt u vragen vinden over het Centrum Veilig en Gezond Uitgaan.
Wat is de integrale aanpak en waarom is deze belangrijk?
Winst boeken met veilig en gezond uitgaan
Het CVGU wil een integrale aanpak van uitgaansproblematiek bij gemeenten en hun maatschappelijke partners stimuleren. Deze aanpak heeft meerwaarde omdat het bijdraagt aan het oplossen en tegengaan van uitgaansproblemen op alle fronten. Lokale beleidsprofessionals kunnen bij het CVGU terecht om slimme combinaties te maken tussen veiligheids- en gezondheidsaanpakken. Hierbij wordt gebruik gemaakt van praktijkervaringen die in gemeenten zijn opgedaan en inzichten uit de wetenschap.
Wat weten we, en wat werkt?
• Uitgaanders voelen zich veiliger als er wordt geïnvesteerd in de inrichting van het uitgaanscentrum. Denk aan verlichting, cameratoezicht, prullenbak, urinoirs etc.
• Samenwerking binnen gemeenten tussen publieke en private actoren blijkt effect te hebben op het verminderen van het aantal lichte geweldsincidenten.
• Polycarbonate glas in de horeca kan letselschade voorkomen en bijdragen aan gevoelens van veiligheid onder personeel en bezoekers.
• Trainingen voor barpersoneel zijn effectief in het terugdringen van alcoholgebruik onder jongeren onder de 16 jaar en in het terugdringen van agressie in de horeca.
Een integrale aanpak waarin maatregelen en handhaving hand in hand gaan, kan kosteneffectief zijn. In Zweden bleek elke geïnvesteerde euro negenendertig euro te besparen.
Laatst bewerkt 26 november 2010
Wie zijn de initiatiefnemers van het Centrum Veilig en Gezond Uitgaan?
Het Centrum Veilig en Gezond Uitgaan is een initiatief van het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid (Het CCV) en het Trimbos-instituut. Beide organisaties houden zich bezig met het thema uitgaan. Beide organisaties ondersteunen lokale professionals, ieder vanuit de eigen expertise. Bij het Trimbos-instuut ligt het accent op het voorkomen en terugdringen van problematisch middelengebruik, bij het CCV ligt het accent op de veiligheid. Doordat beide expertises elkaar goed aanvullen, is dit Centrum ontstaan.
Laatst bewerkt 26 november 2010
Wat is er bekend over het effect van verschillende sluitingstijden op gezondheid en veiligheid?
Over dit onderwerp kunt u meer lezen in de CVGU infosheet Sluitingstijdenbeleid (oktober 2011).
Vooral buitenlands onderzoek
De drie meest voorkomende varianten van sluitingstijdenregimes zijn: het vervroegen, verruimen of reguleren van de sluitingstijden. Op basis van het beschikbare onderzoek naar sluitingstijden is niet duidelijk welk sluitingstijdenregime in Nederland het meest gunstige effect heeft op alcoholgebruik, overlast en agressie in het uitgaansleven. Tot op heden zijn er nog te weinig onderzoeken in Nederland gedaan om hierover met zekerheid uitspraken te doen. Uit internationaal onderzoek blijkt wel dat verruimde openingstijden vaak voor meer alcoholgebruik overlast en agressie zorgen; vervroegde sluitingstijden leveren over het algemeen minder incidenten op. Of dit voor Nederland ook het geval is valt nog niet wetenschappelijk vast te stellen.
Veel factoren van invloed
Het effect van een sluitingstijdenregime hangt samen met veel factoren die van invloed kunnen zijn. Bijvoorbeeld het type uitgaanspubliek, de regionale uitgaansfunctie van een gemeente, het type uitgaanscentrum of andere maatregelen die zijn genomen (zoals geïntensiveerde handhaving, meer samenwerking met de horeca e.d.). Voor een kleine gemeente kan eenzelfde aanpak dus een ander effect hebben dan voor een grote stad. Dit geldt zowel voor de effecten op alcoholgebruik als op overlast en agressie. Men kan dus niet als vanzelfsprekend aannemen dat wat in de ene gemeente werkt ook zo in een andere gemeente zal werken.
Uw gemeente
Maar wat is nu de beste beslissing voor uw gemeente? Een goede analyse van de lokale situatie vooraf, het uitproberen van het beleid gedurende een pilotfase en een goede monitoring van de (ongewenste) effecten zijn de beste manier om vast te stellen of de aanpak het gewenste effect heeft. Het is daarbij van belang om niet alleen te kijken of de vooraf gestelde doelen behaald worden (minder alcoholgebruik / overlast), maar ook naar mogelijke neveneffecten (meer gemeentelijke kosten of politie-inzet) of zelfs ongewenste effecten (meer drugsgebruik).
Advies
Het Centrum Veilig en Gezond Uitgaan kan u goed helpen bij het opzetten en evalueren van een sluitingstijdenbeleid. Schroomt u niet om contact op te nemen: 030-2959490 of info@veiligengezonduitgaan.nl.
Bronnenlijst
Laatst bewerkt: 13 november 2012
Is er binnen het terrein van veilig en gezond uitgaan ook aandacht voor gezondheidsrisico's als gehoorschade?
Binnen het Centrum Veilig en Gezond Uitgaan is geen expertise aanwezig op het gebied van gehoorschade. Onze aandacht en expertise richt zich op alcoholintoxicaties, incidenten door drugsgebruik, letsel en ongevallen. Wel zijn er vanuit andere organisaties meerdere initiatieven geweest rond het voorkomen van gehoorschade:
Oorveilig (2011- 2012)
Wie? Nationale Hoorstichting,Club Judge en BLOEI creative innovation in samenwerking met diverse partners zaols Alpine hearing protection en ClubAir.
Doel: creëren van een veiliger gehoorklimaat in clubs en poppodia om zodat bezoekers veilig van muziek kunnen genieten, nu en later.
Hoe: eind 2011 is het Oorveilig keurmerk voor clubs en poppodia gelanceerd. Er zijn afspraken gemaakt over maximale geluidsniveaus, informatievoorziening aan bezoekers en de beschikbaarheid van gehoorbescherming.
Resultaat: meer informatie op de site en lees de column van Annerike Gorter, stafmedewerker preventie bij de Nationale Hoorstichting.
Campagne ‘Doof worden doe je zo!’ (2010)
Wie? TMF in samenwerking met de Nationale Hoorstichting
Doel: jongeren (meer) bewust maken van de risico’s op gehoorschade.
Hoe: Voor de campagne was een commercial ontwikkeld en gedurende het hele jaar hebben alle TMF programma’s veel aandacht besteed aan het thema.
Resultaat: Aan het eind van de campagneperiode bleek dat ruim 100.000 jongeren door de campagne bewust bezig zijn geweest met de thematiek, aldus TMF. De website werd in het afgelopen jaar meer dan 175.000 keer bezocht door meer dan 100.000 jongeren. Via de site hebben ruim 75.000 bezoekers de test gedaan om uit te zoeken hoeveel risico zij lopen om met hun huidige gedrag nu of in de toekomst gehoorschade te ondervinden. Daarnaast stegen de verkopen van Noizezz gehoorbescherming in een speciale TMF verpakking 37 procent tijdens de campagneperiode.
De maatschappelijke betekenis van geluid (2010)
Wie? J. Devilee, E. Maris, I. van Kamp. Rijks Instituut voor Volksgezondheid en Milieu.
Doel: In kaart brengen wat bekend is over de relatie tussen geluid en sociaal gedrag.
Hoe: Raaplegen van literatuur en experts.
Resultaat: Mensen willen graag controle over geluid in hun omgeving. Als dat niet het geval is, heeft dat invloed op hun gedrag. Ze kunnen bijvoorbeeld agressief worden. Het is daarom van belang dat beleidsmakers zich hiervan bewust zijn en maatregelen daarop afstemmen. Zo is het raadzaam bewoners vooraf te informeren over geluidoverlast, zoals van popconcerten, en evenementen.
Campagne Sound Effects (2009)
Wie? Centrum Media & Gezondheid, in samenwerking met de GGD Amsterdam en diverse andere partners, waaronder de Nationale Hoorstichting.
Doel: Jongeren tussen de 16 en 30 jaar bewust te maken van de blijvende schade die harde muziek teweeg kan brengen, zonder aan hun uitgaansplezier te tornen.
Hoe: voor de campagne werd een internetserie Sound Soap gemaakt en een informatieve website ontwikkeld www.gooutplugin.nl. Daarnaast is de campagne ingezet in verschillende horecagelegenheden waarbij gewerkt werd met o.a. flyers/posters, een decibelbord, quizjes over gehoorschade en de verkoop van oordoppen.
Resultaat: meer informatie op de site.
Laatst aangepast 15 maart 2012
Wij streven binnen onze gemeente naar een integraal beleid met betrekking tot uitgaan. Kunnen jullie op basis van ons huidige beleid tips geven?
Ja dat kan. U kunt bijvoorbeeld uw beleidsnota aan ons opsturen. Op basis daarvan kunnen we advies geven. Daarnaast zijn we uiteraard ook bereid tot een mondelinge toelichting of brainstorm.
Laatst bewerkt 13 januari 2012
Wat is de relatie tussen alcoholgebruik en agressie?
Alcoholgebruik kan leiden tot agressieve gevoelens en het wegvallen van remmingen. Dit kan leiden tot agressief gedrag. Verschillende onderzoeken tonen een overtuigend verband aan tussen alcoholgebruik en agressie. Het gaat hierbij meestal om ongepland geweld dat voortkomt uit sociale interactie en conflict.
Recent onderzoek wees uit dat excessief drankgebruik zowel de kans op daderschap als slachtofferschap verhoogt. Impulsieve jongeren vertonen vaker agressief gedrag na het drinken van alcohol. Ook jongeren die verwachten agressief te worden door het drinken van alcohol, vertonen dit gedrag vaker. Meer over middelengebruik en agressief gedrag in het uitgaanscircuit kun u lezen in de CVGU infosheet Ontremd en overmoedig.
Laatst bewerkt: juni 2011
Hoe kan ik testen dat daadwerkelijk bier met een lager alcoholgebruik wordt verstrekt?
U kunt denken aan de volgende controlemogelijkheden:
- doorvragen bij de eigenaar naar het soort bier;
- afleverbonnen en fusten controleren;
- een monster nemen en het alcoholpercentage meten.
Testen en handhaving van de voorschriften voor het schenken van bier met een lager alcoholpercentage is wat lastig uitvoerbaar. De gemeente heeft via de vergunnings- en ontheffingsaanvragen een goede ingang bij de organisator of de horecaondernemers die op het evenement schenken. Door deze ingang optimaal te benutten kan - naast bovenstaande mogelijkheden- naleving van de voorschriften worden bevorderd.
Laatst bewerkt: 3 november 2011
Zijn er praktijkvoorbeelden van gemeenten die in de vergunningverlening voor evenementen bepalingen opnemen met betrekking tot alcoholmatiging?
Er is geen landelijk overzicht van dergelijke voorbeelden. Bij ons zijn de volgende praktijkvoorbeelden bekend:
Tot slot: er zitten grenzen aan wat via een evenementenvergunning gereguleerd kan worden. De betreffende APV-artikelen lenen zich niet erg voor alcoholmatigingsdoelstellingen. Dat komt waarschijnlijk omdat de APV er in eerste instantie is voor handhaving van de openbare orde. Daarom komt het meer aan op 'zachtere instrumenten' zoals het in gesprek gaan met de organisatoren en hen beïnvloeden goed alcoholbeleid te voeren op de evenementen.
Heeft u vragen over de toepasbaarheid van deze kennis in uw werksituatie of kent u meer voorbeelden:
Centrum Veilig en Gezond Uitgaan, telefoon 030 - 295 94 90, e-mail: info@veiligengezonduitgaan.nl
Laatst gewijzigd 16 maart 2011
Welke implicaties zal de nieuwe Drank- en Horecawet (DHW) hebben voor de veiligheid en gezondheid in het uitgaanscircuit?
Met de vernieuwde wet (artikel 25b), die per 1 januari 2013 van kracht wordt, kunnen gemeenten de toegangsleeftijden voor de horeca koppelen aan de sluitingstijd. Doel hiervan is dat jongeren vroeger in de avond uitgaan, waardoor ook het indrinken wordt tegengegaan. Zo kan bijvoorbeeld worden afgesproken dat jongeren onder de 18 jaar niet na middernacht nog een horecagelegenheid kunnen binnenkomen. Nu gaan veel jongeren pas na middernacht stappen waarbij vaak vroeg in de avond thuis al is begonnen met alcoholgebruik.
Overmatig alcoholgebruik tijdens het stappen wordt bevorderd door het aanbod van happy hours. Met de gewijzigde DHW (artikel 25d) kunnen prijsacties met korting van 40% of meer worden verboden.
Alcoholgebruik van jongeren onder de 16 jaar kan worden beperkt door handhaving van het verbod voor 16-minners om alcohol aanwezig te hebben (artikel 45). Handhaving kan door politie of Buitengewoon Opsporingsambtenaren (BOA's).
Lees hier meer over de DHW.
Lees hier over modelverordeningen Drank- en Horecawet
Laatst bewerkt: 27 juni 2012
Is het verplicht dat iemand die het diploma Sociale Hygiene heeft gevolgd aanwezig is op een avond van een vrijwilligersorganisatie of is iemand die de training Instructie Verantwoord Alcoholschenken voldoende.
Leidinggevenden zijn verantwoordelijk voor het beheer van de bar, ook bij een vrijwilligersorganisatie. Op het moment dat er alcohol wordt geschonken moet er minimaal 1 persoon aanwezig zijn die ofwel de Verklaring Sociale Hygiëne bezit ofwel een Instructie Verantwoord Alcoholschenken heeft gevolgd. Voor bezoekers van een vereniging met een bar moeten de uren waarop alcohol wordt geschonken en de wettelijke leeftijdsgrenzen duidelijk zichtbaar worden aangegeven. Eind 2012 komt er een nieuwe Drank en Horecawet. In hoeverre dit invloed op bovenstaande is op dit moment nog niet te zeggen.
Laatst bewerkt 7 februari 2012
Is er zicht op hoeveel jongeren drinken bij evenementen?
Aantal drinkers op evenementen
Voor jongeren is het drinken van alcohol op evenementen vanzelfsprekend. Uit een onderzoek (Trimbos-instituut, 2009) onder jongeren op tien verschillende festivals rapporteert 97% van hen dat zij alcohol drinken (Feestmeter, 2009). Onder de algemene bevolking van diezelfde leeftijdsgroep is dat 74,4%. . Gevraagd naar het alcohol- en drugsgebruik op het evenement zelf blijken evenementbezoekers iets minder hoog te scoren op alcoholconsumptie (66%) ten opzichte van jongeren die clubs en disco’s bezoeken (78%). Vermoedelijk heeft dat te maken met het feit dat op evenementen ook drugsgebruik onder bezoekers populair is, met name cannabis en XTC.
Aantal glazen op een evenement
Over de hoeveelheid alcoholconsumpties op evenementen is niets bekend. Vermoedelijk is het alcoholgebruik van bezoekers op evenementen hoger dan 5 glazen.
Uit recent onderzoek blijkt dat 2 van de 3 scholieren tussen de 12 en 18 jaar in de categorie bingedrinker (meer dan 5 consumpties bij een gelegenheid) valt. Bingedrinken is schadelijk; vooral omdat de hersenen van een jongere nog tot het vijfentwintigste jaar in ontwikkeling zijn. Scholieren die op het VMBO zitten drinken het meest; soms zelfs meer dan 20 glazen in een weekend (Jeugd en riskant gedrag, 2011, Trimbos-instituut).
Laatst bewerkt 6 september 2012
Wat kunnen evenementorganisatoren doen om excessief alcoholgebruik op hun evenement tegen te gaan?
Aan een ontheffing voor het verstrekken van zwak alcoholhoudende drank kunnen gemeente voorschriften verbinden. Bijvoorbeeld een verplichte instructie voor barpersoneel over verantwoord alcohol schenken. Het is raadzaam in overleg met evenementorganisatoren concrete maatregelen te bespreken die zij zelf uitvoerbaar vinden en geen negatief effect hebben op de inkomstenderving.
Een aantal effectieve maatregelen die te adviseren zijn:
Ook voor evenementorganisatoren kunnen jongeren die excessief alcohol gebruiken een doorn in het oog zijn. Agressieve dronken bezoekers verpesten de sfeer. Waarom de ene jongere agressief wordt na meerdere drankjes en een ander niet is te lezen in de infosheet alcohol en agressie.
Dordrecht en omliggende gemeenten hebben ervaring met een adviesnotitie met daarin suggesties voor alcoholmatiging op evenementen.
Laatst bewerkt: september 2012
Hoe kunnen evenementbezoekers erop gewezen worden dat misbruik van alcohol niet gewenst is?
Communiceren alleen werkt niet
Wanneer organisatoren over alcoholmisbruik willen communiceren is het van belang dit te versterken met maatregelen en/of voorzieningen. Alleen een boodschap over alcohol verandert het gedrag van de bezoekers op het evenement niet. Het gewenste gedrag wordt alleen gestimuleerd als het eenvoudig is om na te leven.
Beleid moet bekend zijn bij personeel èn bezoeker
Er wordt minder alcohol gedronken als er op een evenement een duidelijk alcohol- (en drugs)beleid is dat zowel het personeel als de bezoekers kennen en handhaven.
Wat betekent dat concreet?
Een effectief alcoholbeleid stelt ook grenzen aan promotiemateriaal voor alcoholmerken en prijsacties. Beiden zorgen ervoor dat jongeren ongemerkt meer drinken.
Bovenstaande maatregelen zijn vaak niet erg populair. Maar niet alles hoeft tegelijk ingevoerd te worden. U kunt beginnen met een maatregel waar het meeste animo voor is.
Zijn er uitingen beschikbaar?
Is ophoging van de leeftijdsgrens naar 18 een goed idee?
Waarom willen veel beleidsmakers en wetenschappers dat de leeftijdsgrens voor het kopen van alcohol wordt verhoogd?
Gemeenten pleiten voor invoering van deze maatregel, veelal met het oog op toegenomen overlast en agressie van jongeren onder invloed. Ze willen met deze maatregel iets doen aan het alcoholgebruik onder jongeren, dat naar hun idee de achterliggende oorzaak is van deze toename. Maar ook gezondheidsspecialisten maken zich zorgen over het alcoholgebruik van jongeren. De laatste tien jaar is steeds meer bekend geworden over de schade die alcohol kan veroorzaken aan een nog opgroeiend brein. Ondanks deze kennis is het alcoholgebruik de afgelopen jaren alleen gedaald onder de jongste groep pubers (12-15 jaar). Binge-drinken is echter niet afgenomen – ondanks alle aandacht voor de schade van alcohol. Als jongeren eenmaal ervaring met alcohol hebben, drinken ze veel. Comazuipen lijkt zelfs te zijn toegenomen, ook onder de jongste groep. Ook onder de algemene bevolking is er draagvlak voor de maatregel.
Waarom deze maatregel?
Deze maatregel is effectief gebleken in het buitenland (Babor et al., 2010). Uit onderzoek naar effectieve aanpakken van alcoholmisbruik blijkt dat vooral maatregelen die de beschikbaarheid van alcohol beperken effectief zijn. Door de leeftijdsgrens te verhogen wordt niet voorkomen dat mensen die al drinken veel blijven drinken. Deze maatregel helpt vooral om de startleeftijd (de leeftijd waarop iemand voor het eerst alcohol drinkt) te verhogen. Dat is belangrijk, want hoe later iemand start met drinken, des te kleiner de kans op hersenschade. Ook de kans om later verslaafd te raken aan alcohol wordt daardoor aanzienlijk kleiner (REF).
Jong alcoholgebruik hangt ook samen met verkeersincidenten, agressie en geweld en onveilig vrijen. Wetenschappers verwachten daarom dat deze maatregel ook op tal van andere gebieden een positief effect heeft.
Wat zijn veel gebruikte bezwaren? En wat valt daar tegenin te brengen?
1. Wat niet mag is leuker. Deze maatregel zou wel eens kunnen leiden tot een toename van illegaal gebruik van alcohol. De vraag is alleen hoeveel jongeren illegaal alcohol zullen kopen. Op basis van de ervaringen in het buitenland is de verwachting dat de nettowinst (afname alcoholgebruik – toename door illegaal alcoholgebruik) groot is. In het buitenland is overigens, voor zover bekend, geen onderzoek gedaan naar het effect op drugsgebruik. Ongewenste neveneffecten zullen dus zorgvuldig moeten worden gemonitord, als deze maatregel wordt ingevoerd.
2. Jongeren, ouders en scholen moeten zelf hun verantwoordelijkheid nemen.
De afgelopen jaren is er door allerlei partijen intensief gewerkt aan het voorkomen van alcoholmisbruik onder jongeren. Ouders, scholen, sportverenigingen, supermarkten en gemeenten hebben zich ingespannen om jongeren bewust te maken van de schade van alcohol. Deze inspanningen lijken vooralsnog alleen onder de jongste groepen effect te hebben. Als jongeren eenmaal drinken, doen ze dat onverminderd veel. Jongeren worden in de puberteit sterk gedreven door impulsen, spanning en sensatie. Wanneer in hun omgeving volop alcohol aanwezig is, is hun rem onvoldoende ontwikkeld om daar 'nee' tegen te zeggen. Dat geldt niet voor alle jongeren, maar wel voor een belangrijk deel van hen. Zo lang alcohol wordt verbonden met sterke sensaties zoals populariteit, sex en sensatie (en makkelijk beschikbaar is) blijft het in deze levensfase een erg aantrekkelijk goedje.
3. We moeten eerst de handhaving tot 16 jaar verbeteren voor we deze draconische maatregel invoeren. De handhaving van de drank- en horecawet kan inderdaad beter. Jongeren kunnen, zowel in de supermarkt als in de kroeg en de sportkantine, te makkelijk aan alcohol komen. Wil handhaving echt effectief zijn, dan moet de pakkans enorm worden verhoogd. Dat is kostbaar en in deze tijd van financiële schaarste niet makkelijk te realiseren. Door zowel de handhaving te versterken, als ook de leeftijdsgrens te verhogen, wordt de kans echter verminderd dat jongeren op vroege leeftijd alcohol kunnen kopen. De handhaving wordt namelijk eenvoudiger, doordat het onderscheid tussen het mogen kopen van sterke drank (daarvoor moet je 18 zijn) en zwakalcoholische drank (daarvoor geldt nu de grens van 16 jaar) verdwijnt . De kans dat de jongste groep door de mazen van de handhaving glipt, wordt kleiner. Een veertienjarige is immers lastiger te onderscheiden van een 16-jarige dan van een 18-jarige.
NB. Inmiddels is de wet over de ophoging van de leeftijdsgrens naar 18 jaar aangenomen. Deze zal per 1 januari 2014 ingaan.
Waarom reageren jongeren anders op alcohol dan volwassenen?
Uit de praktijk, bijvoorbeeld vanuit de alcoholpoli's voor jongeren, blijkt dat jongeren soms lange tijd schijnbaar vrijwel niet dronken zijn, terwijl ze veel hebben gedronken. Je zou juist verwachten dat jongeren eerder kenmerken van dronkenschap vertonen, zoals een slepende tong en zwalkend lopen. Ze zijn immers minder gewend aan alcohol en hebben dus nog weinig tolerantie opgebouwd. Ook hebben ze minder lichaamsvet, waardoor de alcoholconcentratie in hun bloed sneller verhoogt.
Het uitblijven van de typische kenmerken van alcoholgebruik hangt samen met het functioneren van de kleine hersenen. Deze zijn bij jongeren nog minder ontwikkeld, waardoor alcohol vermoedelijk minder effect heeft op dit deel van het brein.
De kleine hersenen (het cerebellum) zorgen voor de coördinatie van bewegingen en het bewaren van het evenwicht. Alcohol heeft een dempend effect op het functioneren van het cerebellum. Als gevolg daarvan ontstaan er bij volwassenen stoornissen van motoriek, coördinatie en cognitieve functies (Arts, 2005). Hierdoor hebben mensen onder invloed van alcohol meer moeite met het in een rechte lijn lopen, stilstaan en autorijden. Uit onderzoek naar het effect van alcohol op adolescente ratten blijkt dat deze jonge ratten minder last hebben van de negatieve bijwerkingen van alcohol: een hoge dosis alcohol heeft bij hen minder effect op hun motoriek. Ze zijn ook minder gevoelig voor de sedatieve (kalmerende, verdovende) werking van alcohol dan volwassen ratten (Verdurmen et al, 2006).
Het lijkt er dus op dat jongeren minder last hebben van het dempende effect van alcohol op het cerebellum. Helaas ontbreekt het aan onderzoek onder jongeren, voor zover bekend, waardoor niet duidelijk is voor welk deel van de jongeren dit geldt.
Wat is er bekend over het effect van de inzet van blaastesten in de horeca?
Onderzoek naar het effect van blaastesten ontbreekt. Toch proberen we hier inzichtelijk te maken welke effecten je al dan niet mag verwachten van een dergelijke maatregel.
Op lokaal niveau worden in het uitgaansleven steeds vaker blaastesten gebruikt. Als preventieve werking en men verwacht hiermee overlast, geweld en vernielingen tegen te gaan. Daarnaast worden blaastesten gebruikt om personen die (te veel) hebben gedronken de toegang te ontzeggen tot bijvoorbeeld uitgaansgelegenheden of evenementen. En om, vooral jonge mensen, te wijzen op de gevaren van te veel alcoholgebruik of om een norm te stellen zoals: onder de 16 jaar geen druppel alcohol.
Nut en noodzaak van blaastesten hangt af van de manier waarop de testen ingezet worden. Bij een schoolfeest situatie of een sportkantinefeest waarin het beleid is dat jongeren alleen het feest nuchter mogen betreden, kan een blaastest wel degelijk een functie hebben.
Als het over de horeca gaat is het doel van blaastesten minder duidelijk. Uit onderzoek is niet bekend of de preventieve werking die soms wordt beoogd er ook daadwerkelijk is. Probleem is dat er geen norm bestaat waaraan dronkenschap te meten is. Ook is niet duidelijk bij welke alcoholconsumptie agressie en overlast toenemen. Dus is er ook geen veilige norm vast te stellen waarmee je bezoekers kunt toelaten of juist kan weren.
Het testen op locatie zou zelfs wel eens een averechtse werking kunnen hebben en mensen juist aanzetten tot drinken. We weten namelijk dat mensen, als zij nog aan het verkeer gaan deelnemen, de neiging hebben minder te drinken dan dat volgens de bloed alcoholconcentratie wettelijk zou mogen. Dat is dus een gunstig effect van een wettelijk bepaalde alcoholnorm in het verkeer. Maar wat gebeurt er als je de norm kan meten en je niet aan de 0,2 of 0,5 promille komt en reeds 2 alcohol consumpties hebt gedronken?
Logischer lijkt het om blaasapparatuur niet in de zaak op te hangen, maar bij vertrek van de gelegenheid in te zetten om zo beschonken mensen vrijwillig te laten testen. Dat gebeurt al wel op vrijwillige basis. Verder mag weinig worden verwacht van een losse interventie, die niet is ingebed in andere maatregelen. Zo'n test zou dus een onderdeel moeten zijn van een totaalinterventie in de horeca in plaats van een losse maatregel.
Wat is de relatie tussen het gebruik van drugs en agressie?
De relatie tussen het gebruik van drugs en agressie en geweld is minder duidelijk dan de relatie tussen alcohol en geweld. De relatie met geweld verschilt per drug.
Stimulerende middelen, zoals cocaïne en speed, maken de gebruiker zeer alert en vergroten de spierspanning in zijn lichaam. Ook de spieren in het gezicht zijn strakker en de oogspleten groter. Dit kan agressief overkomen op een ander en zo agressie uitlokken. Agressie komt dan voort uit hoe het gedrag van de persoon onder invloed door een ander wordt ervaren. Cocaïne en (in mindere mate) amfetamine (speed) leiden bovendien tot een zekere zelfverzekerdheid, egocentrisme en overschatting. Dit kan bij bepaalde persoonlijkheden tot agressie leiden, zeker wanneer de drugs juist om die reden gebruikt worden. Reactie van anderen op deze agressie kan vervolgens tot escalatie leiden. Recent onderzoek in vier Europese landen laat zien dat mannelijke gebruikers van cocaïne twee keer zo vaak betrokken zijn bij geweldsincidenten in vergelijking met niet-cocaïnegebruikers.
XTC is juist agressieremmend en geeft een gevoel van samenzijn en harmonie. Iemand onder invloed van XTC is echter in het algemeen gevoeliger en beleeft alles intenser. Verkeerde opmerkingen of aanrakingen kunnen daardoor evengoed agressie uitlokken.
Verdovende middelen (alcohol, GHB) zijn niet agressieverhogend als het in beperkte hoeveelheid gebruikt wordt. Dat kan omslaan bij inname van grote hoeveelheden en in omstandigheden die agressie voeden.
Bij hallucinogenen (cannabis, paddo's, LSD) wordt de agressie veroorzaakt door het secundaire neveneffect van het middel. Bijvoorbeeld als iemand angstig wordt bij een bad trip of een psychose.
Er zijn aanwijzingen dat drugs soms bewust worden gebruikt ter voorbereiding op geweldsincidenten of om een excuus te hebben voor betrokkenheid bij dergelijke incidenten.
Meer over middelengebruik en agressief gedrag in het uitgaanscircuit kun u lezen in de infosheet Ontremd en overmoedig of de infosheet Alcohol en agressie.
22 november 2010
Met dank aan Jan Krul – EducareGroningen
Wat is de relatie tussen combinatiegebruik van alcohol en cocaïne enerzijds en agressie en geweld anderzijds?
Vaak wordt gesteld dat alcohol en cocaïne elkaar versterken en dat de combinatie kan leiden tot excessief agressief gedrag. Wetenschappelijk bewijs voor deze veronderstelling ontbreekt vooralsnog. Wel blijkt uit onderzoek dat de combinatie van alcohol en cocaïne kan leiden tot meer agressieve gedachten. Ook valt op dat lokale partijen zeggen de indruk te hebben dat geweldplegers een combinatie van stimulantia en alcohol hadden gebruikt. Meer over middelengebruik en agressief gedrag in het uitgaanscircuit kun u lezen in de CVGU infosheet Ontremd en overmoedig.
22 november 2010
Wat zijn typische uitgaansdrugs?
'Uitgaansdrugs' is een verzamelnaam voor drugs die in het uitgaansleven worden gebruikt. De meest gebruikte middelen - naast alcohol - zijn cannabis (hasj en wiet), ecstasy (XTC), cocaïne (snuifcoke), amfetamine (speed) en GHB. Jongeren gebruiken deze middelen doorgaans om de intensiteit van het uitgaan te vergroten of om het langer vol te kunnen houden. In het artikel Kennis over verschillende uitgaandrugs op deze site vindt u een korte toelichting. Op www.drugsinfo.nl vindt u informatie over de effecten en risico's van verschillende drugs. Bij uw regionale Instelling voor Verslavingszorg of GGD kunt u terecht voor actuele trends in het middelengebruik in uw stad of regio.
22 februari 2012
Is er verschil in middelengebruik als je het reguliere uitgaanscircuit vergelijkt met dance evenementen? Zou je in de reguliere horeca bijvoorbeeld meer agressie kunnen verwachten doordat daar meer alcohol gebruikt wordt en op dance feesten bezoekers misschien eerder 'out gaan'? Graag een onderbouwing.
Verschil tussen festival- en clubbezoekers:
Er zijn inderdaad verschillen in middelengebruik als je horeca vergelijkt met evenementen, zie ook deze vraag. Over het algemeen kun je stellen dat clubbezoekers meer alcohol drinken dan festival bezoekers (resp. 78% en 66%) en dat festivalbezoekers meer XTC gebruiken dan clubbezoekers (18% vs. 3% van de clubbezoekers). Ook andere drugs zijn door meer partybezoekers gebruikt: cannabis 17% (vs. 10% van de clubbezoekers), cocaïne 5% (vs. 2%), amfetamine 6% (vs. 1%) op de avond/nacht. Er zijn overigens wel veel verschillen tussen evenementen gevonden.
Relatie tussen alcohol/drugs en agressie
We weten uit onderzoek dat de kans op agressie groter is als er alcohol in het spel is dan wanneer er alleen drugs wordt gebruikt. Tussen alcoholgebruik en agressie bestaat een duidelijk verband. Bij alcoholgebruik ervaart de drinker minder remmingen, de zelfcontrole vermindert, hij beoordeelt sociale situaties minder goed, overschat zichzelf en is minder met de gevolgen van zijn gedrag op de lange termijn bezig. Of er ook werkelijk agressie ontstaat, is afhankelijk van de persoon en de omstandigheden. Recente cijfers over drugs en agressie zijn niet voorhanden. Oudere cijfers laten zien dat driekwart van de daders van uitgaansgeweld onder invloed is. In 84% van de gevallen ging het om alcohol en in 14% om een combinatie van alcohol en drugs. Personen die vaak dronken zijn en mannelijke gebruikers van cocaïne zijn het vaakst bij vechtpartijen betrokken. Vaak wordt gesteld dat alcohol en cocaïne elkaar versterken en dat de combinatie kan leiden tot excessief agressief gedrag. Wetenschappelijk bewijs voor deze veronderstelling ontbreekt vooralsnog. Wel blijkt uit onderzoek dat de combinatie van alcohol en cocaïne kan leiden tot meer agressieve gedachten.
Meer hierover kun je lezen in onze Factsheet Ontremd en overmoedig
Outgaan van GHB en GHB incidenten
Er zijn geen cijfers bekend over outgaan van GHB en het verschil tussen club- en festivalbezoekers. Wat is er wel bekend? Uit een beschrijving van negen jaar ervaring met gezondheidsincidenten door GHB gebruik op dance evenementen in NL blijkt dat er over het algemeen weinig gezondheidsincidenten zijn (771 gerapporteerde gezondheidsincidenten door GHB op 3 miljoen dance evenement bezoekers, dat is 0.03%), maar dat er onder deze incidenten wel ernstige gezondheidsverstoringen optraden.
Meer hierover is te lezen op de site van het kenniscentrum evenementenveiligheid.
Of bekijk de landelijke Incidenten Monitor.
Laatst bewerkt 23 augustus 2011
Vermindert een (politie) drugscontrole het risico op verstoring van de openbare orde of heeft het alleen effect op de mate waarin een bezoeker gezondheidsrisico's loopt?
Over het algemeen heeft een strengere controle geen invloed op de omvang van gebruik en er zijn de afgelopen tien jaar niet meer gezondheidsincidenten geweest waardoor er noodzaak zou zijn voor een strengere controle. Het aantal aanhoudingen stijgt wel (grotere politie inzet betekent meer aanhoudingen) maar over het algemeen zijn het meer mensen met een gebruikershoeveelheid dan dat er meer dealers worden opgepakt (Nabben, 2010). Dit geeft weer een onbedoeld neveneffect: meer mensen komen in aanraking met justitie op grond van vrij kleine vergrijpen. Bovendien is het een kostbare inzet die niet oplevert waar het voor bedoeld is: feesten drugsvrij krijgen en grote gebruikshoeveelheden via dealers onderscheppen.
Mensen uit de praktijk wijzen erop dat door strengere controles, de kans toeneemt dat bezoekers die drugs willen gebruiken, deze van tevoren innemen. De bezoekers houden rekening met controles door de drugs beter te verstoppen (op zichzelf of het festivalterrein) en/of door vooraf meer drugs in te nemen, met alle gezondheidsrisico’s van dien.
23 augustus 2011
Hoe kan de jaarwisseling integraal worden benaderd?
Het thema jaarwisseling wordt vaak vanuit een veiligheidsperspectief benaderd. Ook de Commissie overlast jaarwisseling focust in haar aanbevelingen op interventies en maatregelen gericht op veiligheid. Een belangrijke risicofactor bij uitgaansgeweld en -overlast echter, is overmatig alcoholgebruik. Gemeenten die de veiligheid tijdens de jaarwisseling willen vergroten, zouden werk kunnen maken van alcoholbeleid tijdens de feestdagen. In de infosheet ‘Voorkom total loss met oud en nieuw’ worden tips gegeven over hoe zij dat kunnen aanpakken. Een belangrijke tip is samenwerking te zoeken met partijen die zich al bezig houden met (gemeentelijk) alcoholmatigingsbeleid. Veiligheids- en gezondheidsprofessionals kunnen samen bijdragen aan een veilige en gezonde jaarwisseling.
1 december 2010
Het CVGU onderschrijft elk initiatief dat leidt tot verantwoorder alcohol- en drugsgebruik tijdens evenementen. Een voorwaarde voor een geslaagde invoering van maatregelen voor een veilig en gezond evenement is het duidelijk en tijdig communiceren van de regels en sancties naar het feestvierend publiek om neveneffecten zoals agressie te voorkomen. Beperking van beschikbaarheid is effectief
Het initiatief van gemeente Amsterdam om slechts één alcoholische consumptie te tolereren en de maatregel van de NS die op alle stations een tijdelijk alcoholverbod invoert zijn voorbeelden van alcoholbeperkende maatregelen. Uit wetenschappelijk onderzoek is bekend dat het beperken van de beschikbaarheid van alcohol de meest effectieve maatregel is om overmatig alcoholgebruik te voorkomen. Dit soort maatregelen heeft ook invloed op de openbare orde en veiligheid tijdens evenementen.
Overmatig alcoholgebruik op evenementen
Koninginnedag is een leuk feest en moet vooral leuk blijven. Voorgaande jaren hebben zich incidenten voorgedaan waardoor meerdere gemeenten nu maatregelen treffen. Vaak zijn die incidenten ontstaan doordat mensen over de schreef gaan onder invloed van grote hoeveelheden alcohol, soms in combinatie met drugs. Uit onderzoek is bekend dat alcoholgebruik stijgt door rondjes geven, prijsacties, harde muziek en een hoge temperatuur. Het drinken van veel alcohol werkt bovendien agressie in de hand. Vooral op plekken waar groepen elkaar ontmoeten, kunnen zich dan uit het niets opstootjes voordoen.
Risicoanalyse
Als een gemeente problemen tijdens Koninginnedag wil voorkomen is het begrijpelijk om op risicoplekken waar veel jongeren samenkomen (bijvoorbeeld stations en pleinen) alcoholbeperkende maatregelen te treffen. Door ervoor te zorgen dat alcohol alleen verkocht mag worden op plekken waar getraind barpersoneel verantwoordelijk is voor de alcoholverstrekking kan overmatig alcoholgebruik worden tegengaan. Alcoholbeperkende maatregelen zijn niet afdoende. Voor een groot evenement als Koninginnedag is een goede risicoanalyse voorafgaand aan het evenement essentieel. Het risico bepaalt de maatregelen die nodig zijn. Denk aan de inrichting van evenementlocaties en de crowd control.
Goede communicatie over maatregelen belangrijk
Er zijn natuurlijk ook kanttekeningen te plaatsen. Het is onduidelijk hoe de alcoholbeperkende maatregelen gehandhaafd worden en hoe naleving van de regels wordt gestimuleerd. Er kan agressie ontstaan door weigering van alcohol. Daarom is het essentieel dat het publiek zowel voorafgaand aan het evenement als tijdens het evenement goed wordt geïnformeerd. Ook van winkel- en horecapersoneel vraagt een dergelijke maatregel extra alertheid en tact. Een gemeente kan in de evenementvoorbereidingen hierop anticiperen door bijvoorbeeld een training (bv. Bar Veilig, Barcode, EHBD-u) of instructie aan te bieden.
Voor meer informatie over de NS maatregel klik hier
28 april 2011
Moet de organisator van een evenement in het bezit zijn van een diploma Sociale Hygiëne?
Wanneer er tijdens een evenement alcohol wordt verstrekt, moet er een tijdelijke ontheffing van de Drank en Horecawet voor het schenken van zwak alcoholhoudende drank worden aangevraagd. Degene die de ontheffing aanvraagt behoort in het bezit te zijn van een diploma Sociale Hygiëne. Dit hoeft niet dezelfde persoon te zijn als de organisator van het evenement. De persoon die de ontheffing aanvraagt dient wel tijdens het evenement aanwezig te zijn en de leiding te hebben over het verstrekken van drank. In de praktijk kan een organisator van een evenement dus bijvoorbeeld samenwerken met een horecaondernemer. De horecaondernemer vraagt de ontheffing aan, is aanwezig op het evenement en neemt de leiding over het verstrekken van alcoholische drank.
Dit is terug te lezen in artikel 35 van de DHW:
1.De burgemeester kan ten aanzien van het verstrekken van zwak-alcoholhoudende drank op aanvraag ontheffing verlenen van het in artikel 3 voor de uitoefening van het horecabedrijf gestelde verbod, bij een in de beschikking aangewezen bijzondere gelegenheid van zeer tijdelijke aard voor een aaneengesloten periode van ten hoogste twaalf dagen, mits de verstrekking geschiedt onder onmiddellijke leiding van een persoon die voldoet aan artikel 8, tweede en vierde lid.
2.Een ontheffing kan onder beperkingen worden verleend; aan een ontheffing kunnen voorschriften worden verbonden.
3.Ten aanzien van een ontheffing is artikel 31, eerste lid, onder a en d, van overeenkomstige toepassing.
4.Besluiten tot verlening, wijziging of intrekking van een ontheffing worden in afschrift aan de inspecteur gezonden.
Daarnaast kunnen gemeenten bovenop de bepalingen uit de DHW eigen voorwaarden hanteren voor het leveren van vergunningen.
20 juli 2011
Wat is de tendens van drugsgebruik bij dancefeesten. En maakt het uit of het feest overdag, in de avonduren of 's nachts plaatsvindt?
In Nederland is er in verschillende gemeenten en regio’s onderzoek gedaan naar alcohol- en drugsgebruik in het uitgaansleven. Dat onderzoek heeft lokale of regionale cijfers opgeleverd. Landelijk worden met Trendwatch op kwalitatieve wijze ontwikkelingen in kaart gebracht. Tot nu toe ontbraken echter landelijke cijfers over middelengebruik. In 2010 verscheen de Feestmeter 2008-2009 waarmee een begin is gemaakt om landelijk het middelengebruik in het uitgaansleven in kaart te brengen.
Kort wat resultaten:
Onderzoek is gedaan naar jongeren en jongvolwassenen die uitgaan in clubs en discotheken, en degenen die grootschalige party’s en festivals bezoeken. Uit het onderzoek blijkt dat vooral het alcoholgebruik onder deze groepen uitgaanders fors is. Ook het drugsgebruik ligt beduidend hoger dan onder hun leeftijdsgenoten. Na cannabis scoren vooral ecstasy, cocaïne en amfetamine hoger, terwijl het gebruik van ‘straatdrugs’ als heroïne of basecoke nauwelijks voorkomt.
Gebruik van de typische ‘uitgaansdrugs’ ligt gemiddeld hoger onder partybezoekers dan club-bezoekers. Opvallend is de grote variatie in het gebruik van drugs. Zo zijn er party’s waar hooguit een enkeling ecstasy heeft gebruikt, maar ook zijn er party’s waar twee op de drie bezoekers dit middel tijdens de uitgaansavond hebben gebruikt.
Het is niet bekend of er minder drugs gebruikt worden op dancefeesten dan voorheen. Vooralsnog zijn daar geen aanwijzingen voor. Er zijn wel geluiden dat er meer alcohol zou worden gedronken, omdat er strenger op drugs gecontroleerd wordt.
Er is niet apart gekeken naar het tijdstip van de evenementen en de relatie met middelengebruik. Je zou wel verwachten dat festivalbezoekers 's nachts eerder naar stimulerende middelen grijpen, maar daar zijn geen cijfers van bekend. Wel is er een relatie gevonden met de muziekstijl. Over het algemeen is het gebruik van ‘uitgaansdrugs’ het hoogst bij uitgaanders die een voorkeur hebben voor hardcore muziek en hoger bij liefhebbers van dance dan bij hen die tijdens het uitgaan het liefst naar urban luisteren. Onder de urbanliefhebbers is cannabis veel populairder.
De Feestmeter is te downloaden via onze site.
Laatst bewerkt: 13 januari 2012
Wat is het effect van een (politie)drugscontrole bij de ingang van het terrein (staat los van controle op drugshandel op het terrein)?
Het effect van een strengere politie controle (inzet van een ‘drugsstraat) is onbekend. Zerotolerance is een vaak gebezigde term in het huidige politieke klimaat. Jarenlang stond Nederland bekend om haar gedoogbeleid ten aanzien van drugs. Echter rond de eeuwwisseling is er een andere beleidskoers ingeslagen. Bij politie en justitie groeide de wens om met strafrechtelijk optreden meer grip te krijgen op de drugshandel en drugsgebruik in het uitgaansleven. Zerotolerance, ook wel lik op stukbeleid genoemd, werd vooral op dance-feesten ingezet (Nabben, 2010).
Organisatoren werden verplicht tot drugsvrije feesten, wat in praktijk wringt omdat het drugsgebruik een onderdeel is van de feestcultuur. Organisatoren werkten aan het beleid mee om hun vergunning niet kwijt te raken.
Politie en justitie schrijven het dalende drugsgebruik in het uitgaanscircuit de laatste jaren toe aan de strengere aanpak van drugsbezit. Uit onderzoek blijkt echter dat het type beleid, liberaal of repressief, weinig invloed heeft op de omvang van het gebruik (Reuband, 1995);Korf, 2002).
Het blijft onduidelijk vanuit welke ratio de verscherpte aandacht voor drugs op feesten is ingegeven. Voordat het zerotolerance beleid werd ingevoerd, was er sprake van harmreductionaanpak waarbij zich nauwelijks tot geen incidenten voordeden op feesten. Desalniettemin is het beleid toch aangescherpt. Verondersteld wordt dat het uit Amerika overgewaaide zerotolerance beleid goed aan leek te sluiten bij de politieke roep om de drugshandel meer zichtbaar aan te pakken (Nabben, 2010).
In gemeente Steenbergen is gebleken dat het voeren van een zerotolerance beleid een te zwaar middel bleek en men liever een gangbare politiecontrole hield. Het zero-tolerance beleid zorgde zelfs voor een agressieve sfeer door de aanwezigheid van veel politie en drugshonden bij de ingang van het evenement. Meer hierover is te lezen in het stuk Waardevolle evaluatie van outdoor festival Bassrulers.
23 augustus 2011
Enkele jaren geleden heb ik een Eerste Hulp bij Drank- en Drugs in het Uitgaanscircuit (EHBDu) cursus gevolgd. Nu staat mij bij dat ik tijdens die cursus gehoord heb dat de wet het voorschrijft dat er gratis drinkwater verschaft moet worden in horecagelegenheden. Klopt dat? En in welke wet staat dat?
Ik ben nu namelijk bedrijfsmatig in een situatie dat men géén gratis drinkwater wil verschaffen, terwijl er wel mensen blootgesteld worden aan warmte en alcohol. Graag zou ik naar die wet verwijzen.
Op evenementen zou altijd gratis water aanwezig moeten zijn (meestal op de EHBO). Dat is niet wettelijk geregeld maar het staat (meestal) in de vergunning. In de EHBDu map voor trainers staat het volgende:
De beschikbaarheid van gratis kraanwater maakt het risico op gezondheidsverstoringen door uitdroging kleiner. Bij evenementen is de beschikbaarheid van water geregeld in de vergunning. Dit geldt niet voor de horeca.
Het wordt aanbevolen (zeker in het kader van alcoholmatiging op evenementen) om bijvoorbeeld chillout plekken te voorzien van gratis waterpunten en aanbod van alcoholvrije drankjes.
In de Drank- en Horeca Wet (DHW) staat niets in over het verplicht verstrekken van gratis water. De Voedsel en Waren Autoriteit zegt het volgende:
Zijn restaurants en horecagelegenheden verplicht op verzoek kraanwater te verstrekken op basis van de voedsel- en warenwet aan de consument?
Genoemde bedrijven zijn,... althans wettelijk gezien, niet verplicht, indien kraanwater wordt besteld, om kraanwater te leveren. Er is geen wettelijke basis dat een restaurantbezoeker dat bij een horeca-exploitant zou kunnen afdwingen. Het hangt volledig af van de bereidwilligheid van de betreffende ondernemer. Indien de horeca-exploitant, wellicht uit commerciële overwegingen, weigert "kraan- of leidingwater" te leveren, dan is dat zijn beslissing.
Bron: We tap water
De afbakening van een evenemententerrein is belangrijk bij de handhaving van gedragsregels. Een openbaar terrein kan op basis van een Algemene Plaatselijke Verordening een afgebakend gebied worden. Een van de mogelijkheden om dit aan de burger kenbaar te maken is een hek. Of men kan in diverse media kenbaar maken waar (op straatniveau) specifieke regels van kracht zijn. Als de afbakening van het terrein vaag is, moet men vertrouwen op de goodwill van de gasten als ze aangesproken worden op het zich houden aan gedragsregels. Deze regels zijn dus niet afdwingbaar.
Op een openbaar evenement kunnen particuliere beveiligers de gedragsregels handhaven. Zij hebben daarbij echter geen extra bevoegdheden. Dat betekent dat ze dezelfde rechten hebben als een burger; ze mogen bezoekers aanspreken op hun gedrag en de gedragsregels. Als het gedrag strafbaar is, kan er een beroep gedaan worden op het burgerarrest (link). Daarnaast kan men natuurlijk de hulp van de politie inschakelen.
Welke kennis uit de wetenschap is toepasbaar voor de organisatie van evenementen?
Machocultuur
Machocultuur op een feest of evenement nodigt uit tot uitlokkend gedrag. In combinatie met alcohol en drugs kan dat leiden tot irritatie en opstootjes. Een evenementorganisator kan hier bij de programmering rekening mee houden door een variëteit aan muziekstijlen te boeken, het tijdstip ‘slim’ te kiezen en niet teveel ‘machomuziek’ achter elkaar te plannen. Machogedrag wordt extra aangewakkerd op het moment dat er in de interactie machtsvertoon wordt ingezet. Daarom is het van belang om bij het aanspreken van machopubliek rekening te houden met de ‘toon of voice’. Door ze anders te benaderen en aan te spreken op het ongewenste gedrag kan de reactie veel positiever en welwillender zijn. (Grahan & Homel 2008)
Time-out situatie
In Nederland hebben we te maken met het fenomeen dat jongeren in een feestsituatie en tijdens het uitgaan alle remmen los willen laten en zich tijdelijk willen ontdoen van de dagelijkse regels en normen en waarden. De tendens is dat jongeren drinken om dronken te worden. Jongeren in een groep gedragen zich ook anders en de eigen verantwoordelijkheid gaat op in een groepsidentiteit. Dat betekent dat er tijdens het evenement meer verwacht mag worden van de verantwoordelijkheid van het barpersoneel, de beveiligers en ander personeel dan van de bezoekers zelf. (Knibbe, 2001)
Dronken publiek
Veel dronken mensen op een feest of evenement lokt uit tot nog meer drankconsumptie en daarmee de kans op agressie. Zorg daarom dat er op een evenement meer te doen is dan alleen drinken. Maak aan de bezoekers duidelijk dat excessief drankgebruik niet wenselijk is en spreek hen tijdig aan op hun openbare dronkenschap, zodat het later op de dag/nacht niet uit de hand loopt.
Gebrek aan sociale controle
Het ontbreken van sociale controle is een aanjager voor veel alcoholconsumptie en onaangepast gedrag. Op plekken waar veel jongeren samenkomen en er geen volwassenen, familie of bekenden zijn, gedragen jongeren zich losbandig en ongeremd. Op evenementen met een mix van muziekstijlen en leeftijden pakt de werking van ‘sociale controle’ positief uit op het gedrag van jongeren.
Beïnvloedbare omgevingsfactoren
Er zijn meerdere factoren die van invloed zijn op het drinkgedrag van jongeren en de veiligheid van een festival/evenement:
Het soort muziek dat op een dance-evenement wordt gedraaid, is van invloed op de hoeveelheid en het type middelen die worden gebruikt (Van Hasselt en Lemmers, 2005). Hoe harder de muziek, des te meer er wordt gedronken omdat het publiek niet veel anders kan doen; met elkaar praten lukt niet. Hoge temperatuur zorgt ervoor dat mensen meer gaan drinken, zich eerder uitputten door de warmte en eerder geïrriteerd raken. Weinig bewegingsvrijheid op feestlocaties, heeft het risico dat dit leidt tot opstoppingen en onwenselijke confrontaties tussen jongeren die onder invloed zijn. Dit is te voorkomen door goede doorgangsroutes en in- en uitgangen op de locatie (Berkowitz, 1993; Homel et al. 1992).
Wanneer op een evenement diverse culturele groepen afkomen, kan de locatie een podium vormen voor groepen om elkaar te treffen en uit te dagen. Alcohol en drugs versterkt ‘het wij-zij-gevoel’ en kan leiden tot onaangename escalaties (Ferwerda et al. 2010). In de programmering en routing is rekening te houden met de muzieksmaak van de verschillende groepen .
Weinig licht op een locatie maakt dat bezoekers zich anoniemer kunnen gedragen. Anoniem gedrag zorgt eerder voor onaangepast gedrag.
Welke factoren zijn van invloed op het ontstaan van uitgaansgeweld?
De risicofactoren alcohol, drugs en wapens hebben een drempelverlagende, ontremmende invloed. Ze zorgen ervoor dat geweld eerder kan ontstaan en/of escaleren. Alcohol en bepaalde drugs zorgen ervoor dat mensen minder remmingen hebben, vrijer in hun gedrag zijn en/of gevoeliger. Wapenbezit kan ervoor zorgen dat een geweldsincident escaleert. Een wapen kan een mes zijn, maar ook glaswerk of een barkruk.
Daarnaast zijn er factoren in de uitgaansomgeving: veel uitgaansgeweld speelt zich op straat af, bijv. door gebrek aan toezicht of drukte. Maar ook in een café: drukte, hitte en harde muziek in combinatie met personeel dat niet goed weet hoe om te gaan met uitgaanspubliek kunnen geweld in de hand werken. Tot slot komt agressief gedrag voor op weg van en naar het uitgaansgebied; de term ‘slooproutes’ wordt vaak gebruikt in geval van vernieling en vandalisme aan auto’s, tuinen en bushokjes die op de route liggen. Een gebrek aan toezicht, de invloed van alcohol en groepsinvloeden dragen hier onder andere aan bij.
Tot slot de daders van geweld. Er zijn grofweg twee groepen uitgaanspubliek die betrokken raken bij geweld. De gemiddelde stapper die een gezellige avond wil hebben, maar die zich te baldadig gedraagt en de irritatie van ander uitgaanspubliek op de hals haalt. Naast deze daders zijn er natuurlijk ook slachtoffers van uitgaansgeweld die net zo goed onder invloed kunnen zijn van alcohol. Daarnaast heb je de notoire geweldpleger; dat zijn vaak groepen die een uitgaansavond gebruiken om vechtpartijen uit te lokken. Zij zijn op zoek naar de kick van geweld.
Voor informatie over de aanpak van uitgaansgeweld kunt u terecht bij het Steunpunt uitgaansgeweld.
Laatst bewerkt: 13 januari 2012
Ik wil graag informatie over de collectieve horeca ontzegging.
Personen die zich schuldig maken aan geweld in de horeca kunnen een waarschuwing krijgen. Bij herhaling kan deze persoon voor bepaalde tijd de toegang tot horecagelegenheden worden ontzegd. Dit is een collectieve horeca ontzegging. Klik hier voor uitgebreide informatie over het instrument.
Laatst bewerkt 26 november 2010
Wat houdt het instrument 'Bar Veilig' in?
Bar Veilig wordt sinds 1 januari 2012 helaas niet meer uitgevoerd.
Bar Veilig betrof een aanpak gericht op het voorkomen van agressie in de horeca. Met Bar Veilig werden horecaondernemers aan de hand van een checklist gestimuleerd na te denken over hun bedrijfsbeleid en inrichting. Daaropvolgend konden zij samen met hun medewerkers de cursus Bar Veilig volgen. In de cursus kregen horecamedewerkers handvatten en vaardigheden aangereikt waarmee ze agressie zouden kunnen voorkomen en beperken.
Laatst bijgewerkt: 22 febuari 2012
Welke rol spelen drugs bij uitgaansgeweld? En zijn er oplossingen voor bekend? En als deze er zijn, welke partijen kunnen het probleem het best aanpakken?
in het infosheet 'Ontremd en overmoedig' van het Centrum Veilig en Gezond Uitgaan worden dergelijke vragen beantwoord. De infosheet is de vinden onder deze link.
Laatst bewerkt: 22 februari 2012
Welke rol speelt de uitgaansomgeving in het ontstaan van agressie en geweld?
Uitgaansgeweld komt vooral voor in horecagelegenheden en buiten op straat in een uitgaansgebied. Naast de invloed van alcohol, drugs en specifieke kenmerken van een persoon, zijn er ook factoren in de uitgaansomgeving die ertoe bijdragen dat agressie ontstaat en escaleert.
Binnen; in de horeca
Factoren in een horecagelegenheid die in meer of mindere mate van invloed zijn op het ontstaan van geweld zijn:
Buiten; in het uitgaansgebied
Geweld buiten de horecagelegenheid, op straat, komt vaker voor dan geweld in een horecagelegenheid. Een reden kan zijn dat de kans om op straat ongestraft geweld te kunnen plegen veel groter is dan binnen een horecagelegenheid. Daar is vaak een vorm van ordehandhaving van personeel. Omstanders houden zich bovendien buiten vaker afzijdig.
In de jaren 1999 tot 2002 waren er grofweg 20.000 tot 45.000 mishandelingen in café, bar, disco of restaurant, tegen 80.000 tot 150.000 mishandelingen op straat.
Factoren in een uitgaansgebied die de kans op geweld kunnen vergroten zijn:
Bronnen:
Welke rol speelt middelengebruik bij het geweld tegen hulpdiensten? Zijn er aanpakken voorhanden?
Agressie en geweld tegen hulpdiensten komt regelmatig voor in het uitgaansleven. Alcohol- en drugsgebruik spelen daarbij vermoedelijk een belangrijke rol. In het uitgaansleven wordt immers zo'n 75% van de geweldsdelicten gepleegd door iemand onder invloed. De kans op incidenten neemt toe in loop van de avond als veel personen onder invloed zijn.
Onderzoekers van het Trimbos-instituut en Bureau Beke onderzochten welke rol middelengebruik speelt bij geweld tegen hulpdiensten en welke aanpakken voor handen zijn. Er blijken geen bewezen effectieve aanpakken opgetekend te zijn voor het omgaan met agressie onder invloed. De vraag is ook of er een standaardaanpak mogelijk is. Bij de aanpak lijkt het, op basis van gesprekken met experts en literatuur, van belang rekening te houden met de invloed van een middel, maar ook met andere factoren die bijdragen aan het geweld: persoonskenmerken en omgeving.
De onderzoekers stelden vast dat weinig professionals kennis hebben over de effecten van middelen. Ook vaardigheden om handig om te gaan met personen die onder invloed zijn, komen maar minimaal aan bod binnen de bestaande (bij)scholing.
Het onderzoeksrapport 'De Juiste Snaar' is hier te downloaden.
Wat is er bekend over het effect van verschillende sluitingstijden op gezondheid en veiligheid?
De drie meest voorkomende varianten van sluitingstijdenregimes zijn: het vervroegen, verruimen en het reguleren van de sluitingstijden. Op basis van het beschikbare onderzoek naar sluitingstijden is niet duidelijk welk sluitingstijdenregime in Nederland het meest gunstige effect heeft op alcoholgebruik, overlast en agressie in het uitgaansleven. Tot op heden zijn er nog te weinig onderzoeken in Nederland gedaan om hierover met zekerheid uitspraken te doen. Uit internationaal onderzoek blijkt wel dat verruimde openingstijden vaak voor meer alcoholgebruik overlast en agressie zorgen; vervroegde sluitingstijden leveren over het algemeen minder incidenten op. Of dit voor Nederland ook het geval is valt nog niet wetenschappelijk vast te stellen.
Veel factoren van invloed
Het effect van een sluitingstijdenregime hangt samen met veel factoren die van invloed kunnen zijn. Bijvoorbeeld het type uitgaanspubliek, de regionale uitgaansfunctie van een gemeente, het type uitgaanscentrum of andere maatregelen die zijn genomen (zoals geïntensiveerde handhaving, meer samenwerking met de horeca e.d.). Voor een kleine gemeente kan eenzelfde aanpak dus een ander effect hebben dan voor een grote stad. Dit geldt zowel voor de effecten op alcoholgebruik als op overlast en agressie. Men kan dus niet als vanzelfsprekend aannemen dat wat in de ene gemeente werkt ook zo in een andere gemeente zal werken.
Uw gemeente
Maar wat is nu de beste beslissing voor uw gemeente? Een goede analyse van de lokale situatie vooraf, het uitproberen van het beleid gedurende een pilotfase en een goede monitoring van de (ongewenste) effecten zijn de beste manier om vast te stellen of de aanpak het gewenste effect heeft. Het is daarbij van belang om niet alleen te kijken of de vooraf gestelde doelen behaald worden (minder alcoholgebruik / overlast), maar ook naar mogelijke neveneffecten (meer gemeentelijke kosten of politie-inzet) of zelfs ongewenste effecten (meer drugsgebruik).
Zie ook de infosheet van het CVGU over sluitingstijden
Ik wil binnen mijn gemeente aan de slag met beleid rond hokken en keten. Waar kan ik informatie vinden?
Deze informatie is te vinden op deze website in het dossier Hokken en keten en in de handleiding ketenbeleid van het ministerie van Binnenlandse Zaken.
Laatst bewerkt: 13 januari 2012
Is er een manier om ouders en jongeren te betrekken bij de veiligheid en alcoholmatiging in de keet?
Jongeren en ouders kunnen daar zeker bij worden betrokken. Een voorbeeld is keetkeur, waarbij er workshops worden gegeven over onderwerpen als veiligheid en alcohol. Ook in de gemeente Harderberg worden ouders en jongeren betrokken. Zij kunnen hun keet aanmelden bij de gemeente voor een check op veiligheid. Daarnaast verzorgt de gemeente een workshop over verantwoord alcohol schenken.
Tot slot kunnen Homepartys voor keeteigenaren georganiseerd worden. Dat zijn laagdrempelige bijeenkomsten voor ouders van keetbezoekers en keeteigenaren. Er is een draaiboek voor beschikbaar. Preventieprofessionals van Instellingen voor Verslavingszorg kunnen de bijeenkomsten inhoudelijk verzorgen.
Laatst bewerkt: 19 januari 2011
InfoDesk
Heeft u een vraag? Kijk op onze pagina veelgestelde vragen of vul het contactformulier in. Wij zijn ook telefonisch bereikbaar op: 030 295 94 90.
